Nationale Koren: De wereld van Arvo Pärt
Programma
- Lepo Sumera Two pieces from the year 1981: 1981
- trad. Hersftwind (Öszi szél)
- Veljo Tormis De zangers kindertijd (Lauliku Lapsepõli)
- Béla Bartók Plaagliedje uit 44 duo's
- Arvo Pärt / Tauno Aints Liedjes uit de kindertijd: Doornroosje
- trad. Er was een goed bewandeld pad (Byla cesta, byla ulapaná)
- Arvo Pärt Vater unser
- Arvo Pärt Morning star
- Pärt Uusberg Het is niet prachtig (Ilus ta ei ole)
- Veljo Tormis Estse wiegenliedjes: no.4 (Sussen) (Äiutus)
- Valentin Silvestrov Vijf stukken: no.1 Elegie
- Arvo Pärt Ests wiegenlied
- Arvo Pärt / Tauno Aints Onze tuin (wereldpremière)
- Marianne Reidarsdatter Eriksen Sol-lokk
- Einojuhani Rautavaara Vertrek (Lähtö)
- Peteris Vasks Droefheid no.2: Klein, warm feest (Skumjas: Mazi zilti svetki)
- Arvo Pärt / Tauno Aints Liedjes uit de kindertijd: Zomerse wals
- Jaakko Mäntyjärvi Pseudo-Yoik
- Arvo Pärt Spiegel im Spiegel
Keizer van de spirituele koormuziek is zonder twijfel Arvo Pärt, die dit jaar zijn negentigste verjaardag viert. De Nationale Koren brengen de Estse componist een warm eerbetoon in een programma dat hem in de context van verwante tijdgenoten plaatst.
Eindeloze meren
In de ‘noordse’ landen, met het iriserende noorderlicht en de eindeloze meren, lijkt de planeet Aarde net even mooier. Dat klinkt ook door in de ontzagwekkende koortraditie die daar bestaat. Zingen maakt je één met de natuur en de spirituele waardes van het leven. Geen componist bij wie dat zo weerklinkt als bij Pärt.
Eenvoud en verbeeldingskracht
Pärt schreef talloze werken voor koor. Daarin paart hij muzikale eenvoud aan verbeeldingskracht en een grote kennis van de koortraditie. In al zijn werken klinkt een peilloze liefde voor de natuur en God door. Eenzelfde esthetiek hoor je terug bij zijn collega’s Tormis en Rautavaara. Dirigenten Irene Verburg en László Nemes fungeren als kundige reisgidsen door het kleurrijke Noord-Europese koorlandschap.